sfeerbeeld
 

Energielabel slaat niet aan

 
printen
 
 

Energielabel slaat niet aan

Het aantal woningen met een toegekend energielabel groeit. Eind 2009 had bijna een kwart van de Nederlandse woningen een energielabel. Halverwege 2009 was dit nog 13 procent. Van de woningen met een energielabel is 5 procent een koopwoning. Dat komt neer op ruim 70.000 woningen. Daartegenover staan bijna 1,5 miljoen gelabelde huurwoningen. Het energielabel geeft inzicht in het standaard energieverbruik van een woning en mogelijke energiebesparende maatregelen.

Vooral in Zeeland nam het aandeel gelabelde woningen fors toe. In de tweede helft van 2009 is in hier een inhaalslag gemaakt. Eind 2009 was ruim een kwart van de Zeeuwse woningen gelabeld, tegen 3 procent halverwege 2009. De huursector is goed voor ruim 95 procent van deze groei. Doordat veel woningcorporaties al hun woningen van een energielabel hebben voorzien, had eind 2009 drie kwart van de huurwoningen in Zeeland een energielabel.

Het aandeel woningen met een energielabel verschilt flink tussen de provincies. Eind 2009 was Groningen nog steeds koploper met 30 procent. Utrecht en Noord-Holland waren hekkensluiters: van de woningen in deze provincies was 18 procent voorzien van een energielabel.
Ook de verdeling van de gelabelde woningen over de energieklassen A tot en met G laat weinig veranderingen zien. Eind 2009 viel het grootste deel, 57 procent, in energieklasse C of D en had 11 procent een A- of B-label. Bij woningen met een A-label zijn de meeste energiebesparende maatregelen al genomen.

Eind 2009 lag het aandeel woningen met een label in klasse E, F of G het hoogst in Friesland, met 44 procent. In Flevoland was dit aandeel met 12 procent het kleinst. Dit verschil is vooral te verklaren doordat in Flevoland meer woningen staan van recente bouwjaren. Omdat deze aan strengere bouwnormen moeten voldoen dan oudere woningen, vallen ze meestal in energieklasse A of B. (CBS)